Een opera over de zee, voor deze keer gesitueerd aan een Fries wad: de locatie past perfect bij Benjamin Brittens meesterwerk Peter Grimes.

Aan het eind van de opera Peter Grimes van Benjamin Britten roeit de verstoten visser weg van de kust en brengt hij zijn bootje tot zinken. Het is geen zelfgekozen dood. Door zijn koppigheid en nalatigheid heeft hij twee scheepsjongens de dood ingejaagd en nu kotst het dorp hem uit. Het is óf de zeebodem óf doodgeknuppeld worden door de rabiate menigte.

In deze openluchtproductie in het Friese Paesens-Moddergat loopt Grimes stug richting het wad, zijn einde tegemoet. De toeschouwers op de tribune – 1600 man publiek – hoeven zich het koude donker dat hem opslokt niet te verbeelden. In het natuurlijke decor, een strand tussen de hoge dijk en het zilvergrijze wad, is het vissersdorpsdrama tastbaar.

Regisseur Paul Carr laat de locatie haar werk doen. Veel meer dan een partij stoelen en wat rekwisieten heeft hij niet nodig. Paraplu’s klappen binnenstebuiten tijdens een hevige storm. Touwtrekken staat voor de strijd tussen het individu, de bokkige Grimes, en de dreigende massa, het dorp vol schijnheilige bemoeials en zatlappen. Minder overtuigend is de val van de scheepsjongen John van een rij stoelen die een klip moet voorstellen.

Met zijn imponerende voorkomen en draagkrachtige tenorstem is Albert Bonnema een logische keuze voor de titelrol, maar wiebelige intonatie ondermijnt zijn monologen. De regie helpt hem ook niet om de worsteling van Grimes met zijn demonen invoelbaar te maken. Ook de welwillende kapitein Balstrode (Wiard Witholt) blijft een wazig figuur, ten nadele van hun scènes samen.

Jeannette van Schaik, daarentegen, is oogverblindend in de rol van Ellen Orford, de geliefde van Grimes. Haar sopraanstem is vol glans en gloed, haar spel intens. Als ze een robijnrode avondjurk uit een kist haalt en er dromerig mee rond walst, begrijp je waarom het voor Ellen noodzaak is om te blijven hopen, tegen beter weten in, op een toekomst met de opvliegende Grimes.

Met de cruciale koorscènes zit het goed, hoeveel het ongeveer 60 man sterke koor niet altijd trefzeker inzet. In de ingewikkelde kroegscène blijkt hoe goed bezet de vele bijrollen zijn. Alt Marion van den Akker is formidabel in de rol van Auntie, de kroegbaas, en de malafide apotheker van bariton Raoul Steffani is van een buitengewone klasse.

Uitblinkend is ook het Nootstroom Britten Orkest onder leiding van dirigent Arnaud Oosterbaan. Alleen al om ze de intermezzo’s zo doorschijnend te horen spelen – muzikale zeegezichten in een echt zeegezicht – is reden genoeg om deze ‘wadopera’ te beleven.

Jenny Camilleri - Volkskrant  12 september 2021

PETER GRIMES

Opera

★★★☆☆

Met o.a. Albert Bonnema (tenor) en Jeannette van Schaik (sopraan).

10/8, Paesens-Moddergat. Te zien t/m 24/9. Info op wadopera.nl.